LOGIN

Van spel naar circulair denken

Kun je door een spel studenten uitleggen wat circulariteit is? Dat is de uitdaging die Steven de Rooij, docent serious gaming bij NHL Stenden, kreeg van Leren voor Morgen. Samen met zijn studenten ging hij aan de slag. Nu ligt er een prototype van een spel dat spelers circulair leert denken.

Allereerst, wat is serious gaming?

Steven: “De meeste mensen gaan ervan uit dat je van een game niks leert, maar de praktijk vertelt ons iets anders. Zo zijn er bijvoorbeeld genoeg kinderen die Engels leren door een spel als ‘Fortnite’, dit hebben ze namelijk nodig om met andere spelers te communiceren. Bij de meeste spellen heb je bepaalde vaardigheden nodig om te winnen, bij serious gaming ga je heel gericht die competenties trainen. Dat is het verschil tussen een spelletje spelen als entertainment en wat wij maken. Bij serious gaming maken we steeds een terugkoppeling naar het leerproces.”

Hoe ziet dit er in de praktijk uit?

Steven: “Wij krijgen voornamelijk vraagstukken vanuit een opleiding. Er is bijvoorbeeld een opleiding bedrijfskunde die naar ons toekwam omdat ze hun studenten graag het disc-model (model om inzicht te krijgen in iemands persoonlijkheid) wilde bijbrengen. Normaal gesproken geven we studenten een boek, dan heb je het erover in een les of college en uiteindelijk volgt er een tentamen. Bij serious gaming zeggen we: als je studenten echt bekend wil maken met het disc-model dan moet je ze het vooral laten ervaren. Daarvoor kun je gewoon een al bestaand spel gebruiken. ‘Keep talking and nobody explodes’ is daarvan een goed voorbeeld. Dit is een spel waarbij je met z’n tweeën een bom moet ontmantelen. Hierbij heeft de ene speler het overzicht over de bom en de andere speler ziet alleen een handleiding; je zult dus moeten samenwerken. De communicatie die je daarvoor gebruikt kun je heel mooi gebruiken om aan studenten te illustreren hoe die verschillende rollen in het disc-model eruit zien en wat voor invloed deze op elkaar hebben. We vragen studenten ook om bijvoorbeeld heel destructief te zijn om te kijken hoe je partner daarop anticipeert. Zo kun je nuances van de theorie laten zien in de praktijk. In een boek kan je dit eigenlijk niet vangen.

Studenten reageren daar goed op, ze zijn erg enthousiast op deze methodiek. We stellen aan deelnemers altijd de vragen: wat heb je geleerd en wat neem je mee naar je opleiding? We merken het ook door aanvragen vanuit opleidingen, er is steeds meer animo en interesse.

Hoe zijn jullie in aanraking gekomen met circulariteit?

Steven: “We kregen vanuit het project Circular Skills de vraag of we iets konden met circulariteit. Hoe zou je via een game iemand kunnen bijbrengen wat circulariteit is. Ik ben eerst zelf gaan onderzoeken wat dit begrip precies inhield. Die zoektocht die ik zelf heb doorgemaakt wilde we ook vormgeven in een spel. Door het spel te spelen leer je stapsgewijs circulariteit toe te passen in een micro economie die plaatsvindt op het bord. We zijn nu in de fase dat er een gedegen prototype ligt, de volgende stap is om hier een echt bordspel van te maken.”

Hoe verloopt het spel?

Steven: “Tijdens het spel ben je de eigenaar van een fabriek. Bij de leverancier haal je materiaal op, dit verwerk je tot een product wat je vervolgens verkoopt op de markt. Maar er blijft wel restmateriaal over. Je taak is eigenlijk om in een x aantal beurten zoveel mogelijk te verkopen en dus zoveel mogelijk punten te verzamelen. Nu zie je hem al een beetje aankomen, aan het einde heb je een aantal punten maar vooral veel afval over. De vraag is dan aan de spelers: hoe lang denk je hier nog mee door te kunnen gaan?

Er ontstaat namelijk een situatie waarbij je grondstoffen op zijn en er alleen maar afval over is. Wat is er dan nodig, volgens de studenten, om het idee van circulariteit toe te passen: dat is het gesprek wat we voeren.

We spelen het spel drie keer, tussen elke ronde krijgen de studenten instructies om het proces langer vol te houden. De enige manier om dit te doen is samenwerken. Want het afval van je medespelers is samen weer een nieuw product wat verkocht kan worden. Dit proces van individualisme naar samenwerken om het spel zo lang mogelijk vol te houden is precies de transitie die het bedrijfsleven doorgaat op hun weg naar circulariteit. Deze verandering leggen we dus uit in een game, zodat studenten het zelf in de toekomst kunnen toepassen. Ik denk dat het goed is om studenten vroeg bewust te maken van hoe het er in de praktijk uitziet. Zeker als je kijkt naar waar het heen gaat in het hbo, er wordt toch steeds meer gelinkt naar de praktijk. Bij ons op de opleiding werken alle studenten bijvoorbeeld aan een casus en betrekken daar bedrijven bij.”

“De doelgroep moet onderdeel zijn van de ontwikkeling”

In hoeverre worden leerlingen betrokken bij de ontwikkeling van een spel?

Steven: “De leerlingen worden in het hele proces intensief betrokken. Ik geef zelf les bij de master serious gaming. Zo’n vraagstuk als een circulaire game ontwikkelen gebruik ik in mijn lessen. Leerlingen komen zelf met prototypes, opdrachten of vraagstukken die we moeten meenemen in het design. Dat zal ik ook altijd blijven doen, de doelgroep moet onderdeel zijn van de ontwikkeling.”

Hoe reageerde de doelgroep op de eerste versie van het circulaire spel?

Steven: “Het ‘aha-effect’ was erg aanwezig, op een gegeven moment viel het kwartje. Ik denk dat dit één van de belangrijkste punten was om mee te nemen uit deze observaties: kun je tijdens het spelen vanuit nul leren wat circulariteit betekent en komt er een eureka momentje. Het is heel belangrijk dat zo’n moment erin zit, zeker bij een complex thema als circulariteit. Als je het hele proces omdraait en je leert het vanuit de praktijk dan is dit altijd in een bepaald perspectief. Je krijgt dan bijvoorbeeld op je stage te horen hoe de gemeente circulariteit toepast. Het is dan heel moeilijk om dat zelfde principe weer buiten de context toe te passen. Het moet eigenlijk vanuit een hele generieke context aangeleerd worden, dan heb je er in de praktijk ook meer aan. Ik denk dat hoe wij het uitleggen een van de vele mogelijkheden is om dit te bereiken. Ik merk vooral dat studenten het begrip snappen en meer circulair gaan denken.”

Hoe circulair is het spel zelf? Kun je het vaker spelen?

Steven: “Ik geloof wel in de ‘replayability’ (de mate waarin een spel leuk blijft als je het vaker speelt) van dit spel, mits je het niet steeds met dezelfde mensen blijft spelen. Ik denk wel dat je het kan zien als eenmalig gebruik qua doelgroep, maar in een lesvorm kun je het natuurlijk blijven spelen met verschillende klassen. Maar wellicht zie ik het verkeerd hoor. Misschien is het meer een discussiespel en gooi je het tijdens een avondje borrelen op tafel om een goed gesprek over de toekomst te starten.”

Wat zijn nog ambities die je hebt met serious gaming?

Steven: “Als je kijkt naar de circulariteitsgame dan zie je dat er altijd een ‘facilitator’ als spelleider fungeert. Er zijn nog elementen die gestuurd moeten worden tijdens het hele leerproces. De vertaling van de game naar inzichten en van daaruit naar de toepasbaarheid in de praktijk. We moeten dit nu nog goed begeleiden, maar hoe wij dat nu vormgeven is wel heel nieuw. Spellen hebben altijd een handleiding, makers moeten maar hopen dat spelers eruit halen wat vooraf de bedoeling was. We verwachten allemaal dat het leren plaatsvindt en dat het uiteindelijk wordt toegepast in de praktijk, maar ik ben daar helemaal niet zo zeker van. Daarin zit voor serious gaming nog veel ruimte om over na te denken.

Het moet uiteindelijk ook veel meer gezien worden als een product wat een docent meebrengt voorafgaand aan een module circulariteit. Hoe mooi zou het zijn als je als docent eerst begint met het spel, vervolgens werken leerlingen aan een opdracht en dan gaan ze terug refereren aan wat ze hebben geleerd in de game. Als docent zet je het product dan zelf in zodat je actief bij het leren betrokken bent. Maar goed, dat is nog wel een droom. Uiteindelijk gaan we er binnen het hbo naartoe dat een docent aan zijn of haar leerlingen moet vragen, wat speelt er op het moment en wat hebben jullie van mij nodig om te kunnen leren? Je rol wordt veel meer expert die in gesprek gaat met leerlingen en minder het overdragen van kennis. Wat je nodig hebt zijn producten om dat gesprek goed te voeren.”

“De praktijk vraagt om een andere manier van lesgeven.”

Dit vraagt natuurlijk ook bepaalde vaardigheden van leerlingen, kunnen zij dit wel aan?

Steven: “Dat is een hele goede vraag, door het huidige schoolsysteem ga je uiteindelijk dit probleem tegenkomen. De praktijk vraag om een andere manier van lesgeven, maar wij sturen kinderen door een proces waarbij ze leren luisteren. De balans daartussen vinden is iets wat nu heel erg gaat spelen.

Het is denk ik voor een leerling veel belangrijker dat je kijkt naar wie ben ik als persoon, waar liggen mijn talenten en welke vaardigheden kan ik hiermee ontwikkelen. Studenten moeten de ruimte krijgen om dat te ontdekken. Hierdoor creëer je eigenaarschap, je hebt de regie over je eigen leerproces.”

    Deel deze pagina:

    Meer nieuws