LOGIN

Homo economicus is theoretisch dood, maar in de praktijk leeft hij nog

Binnen het project Homo Florens wordt het mensbeeld Homo florens onderwezen naast mensbeeld Homo economicus in het hoger economisch onderwijs. Maar wat houdt dit mensbeeld precies in? En wat is het belang van dit mensbeeld voor de economie? We stellen deze vragen aan onderzoeker Steven van den Heuvel, directeur van The Institute of Leadership and Social Ethics.

‘Absurde’ Homo economicus
Op dit moment is het mensbeeld dat (impliciet) gebruikt wordt dat van Homo economicus. Dit mensbeeld veronderstelt dat het gedrag van de mens verklaard kan worden door het te zien als rationeel eigenbelang. Dit mensbeeld is geëxpliciteerd door de filosoof en econoom John Stuart Mill (1806-1873). Het was echter nooit zijn bedoeling dat het gezien zou worden als een beschrijving van de mens in zijn totaliteit. Het mensbeeld is bruikbaar in de economie, omdat in dat domein veel verklaard kan worden vanuit rationeel eigenbelang; maar als totaal-omschrijving van de mens is het paradigma veel te beperkt.

Maar ook als economisch mensbeeld is de Homo economicus te beperkt. Steven legt uit dat gedragseconomen al lang afscheid genomen hebben van dit paradigma: “Economen zijn natuurlijk ook gewoon mensen, die – naast rationeel eigenbelang – ook allerlei andere motieven bij zichzelf herkennen. Het probleem is dus niet zozeer dat zij moeten inzien dat een mens meer is dan een Homo economicus; dat weten ze zelf ook wel. Waar het om gaat is dat een breder mensbeeld wordt ontwikkeld, dat vervolgens leidt tot passendere tools voor het meten van menselijke ontwikkeling en economisch gedrag.”

Homo florens praktijk
Homo florens doet meer recht aan de motivaties voor menselijk gedrag. Zij veronderstelt namelijk dat een mens vier fundamentele beweegredenen heeft. Ten eerste survival, de drive om te overleven. Dit gaat over het voldoen aan de basisbehoeften. Ten tweede mastery, de behoefte aan controle over je bestemming (denk aan het volgen van een opleiding, het excelleren in een beroep). De derde drive is attachment, de diep-menselijke behoefte tot sociale verbondenheid. En de vierde drive, ten slotte, is meaning; die duidt op de menselijke behoefte aan betekenis, en zingeving. “Homo economicus reduceert de mens met name tot de tweede drive, die van mastery,” legt Steven uit. “De andere drives zijn moeilijk te bestuderen, vanuit het paradigma van de Homo economicus.”

Maatschappelijke impact Homo florens
Homo economicus biedt een eenvoudige wijze om menselijke ontwikkeling mee te meten; bruto nationaal product (BNP). Echter, dit zegt zeker niet alles over de vrijheden en ontplooiingsmogelijkheden van de mensen in een land; het BNP biedt een te ongenuanceerd beeld. Het kan anders: in Bhutan wordt niet alleen naar koopkracht maar ook naar geluk gekeken als een indicator van hoe het gaat met de samenleving. De meetinstrumenten die gebruikt worden hebben een grote impact op beleidskeuzes. Zo laten overheden zich sterk door het BNP leiden, juist omdat je daarmee zo goed kunt vergelijken.

Steven: “Je ziet het nu zelfs bijvoorbeeld bij de oorlog in Oekraïne. Die wordt uiteindelijk doorvertaald naar het koopkrachtplaatje voor ons. Er is echter natuurlijk veel meer te zeggen dan dat; en juist binnen de economische wetenschap is er het besef dat het anders moet.” Om recht te doen aan de mens zijn er dus meer meetinstrumenten nodig die in lijn zijn met een genuanceerder mensbeeld.

Homo florens in het onderwijs
Project Homo Florens brengt het nieuwe mensbeeld in het hoger economisch onderwijs omdat er bewustzijn moet komen van het belang van mensbeeld Homo florens naast dat van de Homo economicus: “Binnen het onderwijs leeft sterk het besef dat we recht moeten doen aan de héle mens. We merken dan ook veel belangstelling voor ons project en dat is bemoedigend.”

The Institute of Leadership and Social Ethics is de primaire samenwerkingspartner van Leren voor Morgen in project Homo Florens. Het Groene Brein en Our New Economy zijn ook betrokken, als secundaire projectpartners. Dit project wordt mede-mogelijk gemaakt door Goldschmeding Foundation. De deelnemende hogescholen zijn HHS, BUAS, CHE, HAN, HR, Avans, InHolland en Fontys.

Mail projectmanager Bart Mijland via bart@lerenvoormorgen.org voor meer informatie en om je aan te melden voor de learning community! Ook vind je meer informatie over Homo Florens via deze link!

    Deel deze pagina:

    Meer nieuws