Kabinetsambities voor onderwijs sluiten niet aan bij de geactualiseerde kerndoelen
Gisteren publiceerde het kabinet zijn reactie op de adviezen van het Nationaal Burgerberaad Klimaat. Positief is dat het kabinet de aanbeveling ‘De kracht van jongeren’ volledig overneemt, met aandacht voor burgerschapsonderwijs, klimaatkennis en open dialoog in de klas. Daarmee erkent het kabinet terecht dat jongeren voorbereid moeten worden op een samenleving die ingrijpend verandert. Maar tussen die ambitie en de onderwijspraktijk gaapt nog een gat. Het kabinet wil scholen ondersteunen bij verduurzaming, maar verplicht het niet. In de huidige uitwerking van de geactualiseerde kerndoelen ontbreekt het nog aan duidelijke en samenhangende doelen rond duurzaamheid, klimaat en toekomstgericht denken. Daardoor blijft het risico bestaan dat deze thema’s afhankelijk zijn van losse projecten of individuele docenten, terwijl de maatschappelijke opgave vraagt om structureel onderwijsbeleid.
Want waar leren mensen omgaan met complexe vraagstukken, uiteenlopende perspectieven en gezamenlijke verantwoordelijkheid? Precies: op school. Klimaatverandering is geen abstract begrip meer, maar een realiteit die de toekomst van jongeren mede bepaalt. Goed onderwijs helpt hen deze vraagstukken te begrijpen, kritisch te onderzoeken en onderbouwde keuzes te maken. Dat is essentieel in een samenleving die volop aan het veranderen is en een helder appel aan het onderwijs.
Juist daarom is het zorgelijk dat deze ambitie nog onvoldoende terugkomt in de geactualiseerde onderwijsdoelen (kerndoelen). Hoewel duurzaamheid wordt genoemd in verschillende leergebieden, ontbreekt het nog aan samenhang en richting. Belangrijke onderdelen van het klimaatvraagstuk, centrale duurzaamheidsconcepten en manieren van denken die nodig zijn om met deze complexiteit om te gaan, zijn slechts beperkt uitgewerkt.
Het risico is dat duurzaamheid in de praktijk versnipperd en vrijblijvend aan bod komt: hier een excursie, daar een project, afhankelijk van de inzet van individuele scholen of docenten. Daarmee blijft duurzaamheid in het onderwijs incidenteel, terwijl de opgave structureel is.
Tijdens het proces van de actualisatie van de kerndoelen zijn vanuit onderwijsexperts zoals docenten, vakverenigingen en duurzaamheidsorganisaties herhaaldelijk concrete voorstellen gedaan om duurzaamheid steviger en consistenter te verankeren. Veel van deze voorstellen zijn slechts beperkt verwerkt. Via de huidige internetconsultatie kerndoelen hebben we nogmaals concrete voorstellen gedaan. Denk aan meer aandacht voor toekomstdenken, het expliciet opnemen van essentiële kennis over het klimaatvraagstuk en het stimuleren van systematische reflectie op de gevolgen voor mens en natuur—nu en in de toekomst, hier en elders. Ook pleiten wij voor het ontwikkelen van kritisch denkvermogen ten aanzien van informatie en misinformatie, en voor ruimte voor open dialoog over verschillende oplossingsrichtingen. Door deze voorstellen over te nemen verzilvert het kabinet ook de adviezen van het burgerberaad over jongeren en onderwijs.
De inzet is helder: maak duurzaamheidscompetenties geen bijzaak, maar een integraal onderdeel van het curriculum. Geef leerlingen niet alleen kennis, maar ook het vermogen om die kennis toe te passen in hun eigen handelen.
Dit is daarmee geen pleidooi voor ideologisch onderwijs maar voor goed onderwijs. Onderwijs dat recht doet aan de wereld waarin leerlingen opgroeien en hen toerust om daar op een geïnformeerde, democratische en constructieve manier deel van uit te maken. Die benadering sluit aan bij internationale raamwerken als het PISA Framework for Climate Literacy waar duurzaamheidseducatie steeds nadrukkelijker wordt gezien als een kernopgave van onderwijs. Door niet weg te kijken maar door te leren samen oplossingen te ontwikkelen dragen we bij aan het verbeteren van het mentale welzijn van jonge mensen.
Het Burgerberaad Klimaat toont dat burgers willen meedoen, en betrokkenheid groeit alleen met kennis en vertrouwen—en dat begint op school.
De keuze is simpel: blijft onderwijs achter, of wordt het deel van de oplossing? Wie morgen betrokken burgers wil, moet vandaag investeren in goed onderwijs.