De nieuwe kerndoelen zijn niet toekomstbestendig
Het onderwijsdebat over de nieuwe kerndoelen vond gisteren plaats. Hoewel Leren voor Morgen eerder advies gaf voor de vernieuwing, kunnen we ons niet vinden in de uitkomst. Onze aanbevelingen zijn wel opgenomen in de concept kerndoelen in 2024, maar later — zonder overleg — weer verwijderd uit de huidige versie. Daardoor ontbreken cruciale thema’s die jongeren nodig hebben om zich staande te houden in een snel veranderende wereld. Circulariteit, ecologische voetafdruk, verborgen impact en de relatie tussen mens en natuur zijn hiervoor onmisbaar, maar komen in de nieuwste versie simpelweg niet meer voor.
Daarom stuurden wij in september een Kamerbrief waarin we opriepen om duurzame ontwikkeling alsnog te verankeren: “We constateren dat de relatie tussen burgerschap en duurzame ontwikkeling in de nieuwe kerndoelen burgerschap is afgezwakt. Dat druist in tegen de adviezen van maatschappelijke organisaties én de wensen van jongeren en docenten zelf. Wij roepen u daarom op om zorg voor duurzame ontwikkeling, met name voor de natuur en de omgeving, te integreren in burgerschapsonderwijs en zo tegemoet te komen aan de wensen en adviezen van docenten, leerlingen en vakexperts.”
Dat bevestigt een duidelijke trend: 70% van de docenten in het basis- en voortgezet onderwijs wil meer aandacht voor duurzame ontwikkeling. De behoefte is er, de urgentie is er. En toch wordt dit in de nieuwe kerndoelen niet weerspiegeld. Dat is moeilijk te begrijpen, zeker gezien de maatschappelijke uitdagingen waar leerlingen straks voor staan.
Zoals duurzaamheidscoördinator Marlise Achterberg in de Volkskrant benadrukt: “Woorden als leefomgeving, planeet en ecosystemen zijn uit de kerndoelen burgerschap gehaald. Dat vind ik een probleem, gelet op de staat van de aarde.” Haar zorgen worden breed gedeeld in het onderwijsveld. Het is kenmerkend voor de wijzigingen dat de volgende zin uit de laatste versie van de karakteristiek is verdwenen: “Het gaat niet alleen om de maatschappij, maar om onze planeet, met aandacht voor de wederzijdse relatie tussen mens en ecosystemen, nu en in de toekomst”. Ook verwijderd: “Ze worden aangemoedigd om hun eigen standpunt in te nemen over maatschappelijke en planetaire vraagstukken, zoals klimaatverandering, afwegingen en keuzes te maken en hierop te reflecteren. Ook ontdekken leerlingen dat samenleven zich op allerlei niveaus en in allerlei gemeenschappen afspeelt: fysiek en digitaal, lokaal, nationaal en mondiaal.” Helaas zijn dit nog maar een paar voorbeelden.
De boodschap van Leren voor Morgen blijft daarom onveranderd: duurzame ontwikkeling is geen bijzaak, maar een essentiële basisvaardigheid. Het verdient een vaste plek in de kerndoelen, zodat onderwijs echt toekomstbestendig is.