Hoe circulair is het onderwijs in Fryslân en Noord-Nederland?

In het programma DuurzaamDoor Fryslân is het project ‘Inspireren voor circulair leven’ uitgevoerd. Hoe kunnen onderwijs en het bedrijfsleven samenwerken rond leren voor een circulair leven. Wat is de stand van zaken in de verschillende onderwijssectoren, hoe is de samenwerking met bedrijfsleven en welke kansen liggen er voor de toekomst. Circulaire economie heeft hierbij een brede definitie, met inbegrip van thema’s als 'duurzaamheid', 'afval' en 'energiebesparing'

circulair leren

Inventarisatie

Leren over circulaire economie in het onderwijs verschilt per onderwijsfase:

  • Basisonderwijs

De rol van het basisonderwijs is vooral die van de eerste kennismaking met het onderwerp, het creëren van bewustwording van de eigen leefomgeving en van het gedrag dat nodig is om die duurzaam te houden.’, Op ad hoc basis vinden verschillende activiteiten plaats, meestal aangeboden door derden, maar structurele aandacht is er niet.

  • Voortgezet onderwijs

Uit de inventarisatie bij havo- en vwo-scholen blijkt dat er in het reguliere onderwijsprogramma weinig activiteit rondom ‘duurzaamheid’ bestaat, laat staan rondom circulaire economie. Incidenteel zijn er wel duurzaamheidsprojecten. Ook in  het beroepsgerichte vmbo is de aandacht voor duurzaamheid en circulaire economie nog fragmentarisch, hoewel de onderwijsvernieuwing kansen biedt voor structurele inbedding.

  • Middelbaar beroepsonderwijs

In het middelbaar en hoger beroepsonderwijs – de onderwijsfasen waarin leerlingen dichter bij de arbeidsmarkt komen – blijkt juist dat het aantal activiteiten rond duurzaamheid op de scholen toeneemt. Wel zijn er verschillen in ontwikkeling van de mbo- en hbo-instellingen en de diverse beroepsopleidingen. Hier zien we grote behoefte aan ondersteuning en vervolgactiviteiten.

  • Hoger onderwijs

Bij de Rijksuniversiteit Groningen komen circulaire economie en duurzaamheid naar voren als belangrijke thema’s in diverse studierichtingen en onderzoekscentra. Onduidelijk is of deze thema’s integraal deel uitmaken van het universitaire onderwijs.

Conclusie

Deze inventarisatie heeft geleid tot de conclusie dat er een kloof is tussen de toenemende belangstelling voor circulaire economie in Europees en nationaal beleid en de inbedding van het thema in het onderwijs in Fryslân en Noord-Nederland. In algemene zin heeft het onderwijs nog weinig concreet houvast om circulaire economie uit te werken en op te nemen in het curriculum. In de praktijk betekent dit dat educatieve acties rond circulaire economie los van elkaar worden opgezet en afhankelijk zijn van enthousiaste, betrokken docenten die het thema creatief in de lessen verwerken of er extra bij doen.

Ondersteuning, bewustwording en samenwerking met het bedrijfsleven

De onderzochte onderwijsinstellingen in Fryslân en Noord-Nederland willen graag met circulaire economie en duurzaamheid aan de slag. Zij kunnen dit niet alleen. Zij hebben behoefte aan ondersteuning voor het bewustwordingsproces bij leerlingen en docenten. Daarnaast moeten docenten zich bijscholen. Ook is er behoefte aan ondersteuning voor samenwerking en kennisdeling binnen het regionale onderwijs. Onderwijs, bedrijven, maatschappelijke organisaties en overheden moeten elkaar daarin ontmoeten.

Het bedrijfsleven is een belangrijke motor voor het inbedden van circulaire economie in de samenleving. Dit geldt zeker voor het midden- en kleinbedrijf (mkb). Bij het beroepsonderwijs liggen hiervoor op korte termijn belangrijke kansen. Ons onderzoek toont dat een overkoepelende aanpak door de gehele onderwijskolom leerlingen beter voorbereidt op een baan in de circulaire economie.

Integrale aanpak

Het onderzoek toont dat een integrale aanpak door de gehele onderwijskolom leerlingen beter voorbereidt op een baan in de circulaire economie: van bewustwording in het basisonderwijs, algemene ontwikkeling in het voortgezet onderwijs naar een ‘circulaire gereedschapskist’ in het beroeps- en hogere onderwijs.
Voor een integrale aanpak in de onderwijskolom van het thema circulaire economie is het belangrijk dat deze naadloos aansluit bij de kennisbehoeften van het bedrijfsleven. Dit kan o.a. door een gezamenlijke agenda en netwerkstructuur, waarin onderwijsvernieuwing rond duurzaamheid en circulariteit versneld en verbeterd wordt. Hierbij is een nadere concretisering door de overheid van haar beleidsagenda omtrent circulaire economie van groot belang, als leidraad voor onderwijs en bedrijfsleven.
Bij het naadloos aansluiten van onderwijs en bedrijfsleven is het verstandig gebruik te maken van maatschappelijke organisaties die doelstellingen hebben omtrent circulaire economie en duurzaamheid. Zij hebben veel kennis en (proces)ervaring in het promoten en organiseren van inzet op duurzaamheid.

Aanbevelingen

Een nieuwe circulaire economie biedt volop beroepsperspectief voor de nieuwe generatie. Daarbij nopen de mondiale klimaat- en duurzaamheidsuitdaging ons tot een snelle transitie naar een circulaire economie. Dit dient zijn weerslag te vinden op het onderwijs en het curriculum. Het projectteam heeft daarvoor drie aanbevelingen voor overheid, onderwijs en bedrijfsleven:


1. De weg van bewustwording: een meerjarig bewustwordingsproject voor de circulaire economie. Dit kan onderwijsinstellingen activeren en het regionale mkb aan het thema circulaire economie binden. ‘Creatieve denktanks’ van leerlingen en studenten op alle niveaus zouden aan de slag kunnen gaan met de vraag hoe de bewustwording vergroot kan worden.

2. De weg van samenwerken en delen: creëer een netwerk van duurzaamheidsfunctionarissen in het beroepsonderwijs. Gebruik bestaande overlegstructuren in mbo/hbo om duurzaamheid en circulaire economie hoog op de agenda te zetten. Daarnaast is het voorstel om een centraal steunpunt op te zetten die bredere samenwerking tussen stakeholders in Noord-Nederland mogelijk maakt en de bestaande structuren versterkt. In het basisonderwijs en voortgezet onderwijs zouden de bewezen bestaande structuren, zoals de NME-centra en de projecten van IVN, versterkt en uitgebreid kunnen worden.

3. De weg van digitalisering en ontsluiting van informatie: informatie delen via een databank voor circulaire economie en duurzaamheid. Verzamel en ontsluit relevante informatiebronnen en lesmateriaal voor docenten, bijvoorbeeld in de nieuwe app van de MVO-Alliantie Noord-Nederland.

Het rapport:

Rapport Parels zonder ketting

Vervolg van het project

Deze inventarisatie is ‘stap 1’ . Het project gaat verder met de uitwerking van de drie aanbevelingen die uitmonden in ‘stap 3’. In deze eindstap gaan zelfstandig opererende programma’s draaien waarmee het onderwijs mensen opleidt die circulair denken en doen en waarmee de duurzaamheidsdoelen van de provincie Fryslân en (Noord-)Nederland worden gehaald.

hoe verder

Projectleden

De partners in dit project zijn: JIN Climate and Sustainability, Stichting SRF, Gelderblom Ontwikkeling en Duurzaamheid, IKcircuLEER, NL projecten en IVN Instituut voor Natuureducatie en Duurzaamheid. Het onderzoek is gefinancierd door de partners en voor de helft door het DuurzaamDoor.