Tijdens het We Are Tomorrow festival, georganiseerd door de Jonge Klimaatbeweging, werd de Jonge Klimaatagenda 2.0 gepresenteerd. Hierin delen jongeren hun visie op 2050. Hoe willen zij dat de wereld er dan uitziet? “We zullen onze samenleving, economie en levens opnieuw moeten inrichten om de balans tussen mens en planeet te herstellen. Dat betekent op een nieuwe manier eten, wonen, werken, reizen en leren.”

Jongeren worden opgeroepen om met lef en solidariteit aan de slag te gaan en hun innovatiekracht in te zetten. Het streven is een duurzame wereld waarin klimaatrechtvaardigheid, jongerenparticipatie, inclusiviteit en empathie centrale uitgangspunten zijn.

In 2017 verscheen al een Jonge Klimaatagenda, deze is afgelopen jaar verder aangescherpt. Vele jongeren en jongerenorganisaties droegen hieraan bij. Bij deze delen wij hun visie op het onderwijs van de toekomst. Hierin in de Whole School Approach, een integrale visie, leidend. “Duurzaamheid is integraal verankerd in het curriculum, het leerproces, de leeromgeving en de ontwikkeling van de werknemers”.

Curriculum
Bij het curriculum wordt de nadruk gelegd op actuele maatschappelijke vraagstukken en de ontwikkeling van vaardigheden om de uitdagingen van de toekomst aan te kunnen pakken (bijv. oplossingsgericht en in systemen denken). Kinderen leren respectvol omgaan met hun omgeving en contact met de natuur neemt een belangrijke rol in.
“We leren over de natuurlijke, sociale en economische aspecten van duurzaamheid in relatie tot elkaar aan de hand van relevante en actuele maatschappelijke vraagstukken.”

Leerproces
De nadruk wordt gelegd op participatief onderwijs met veel interdisciplinaire samenwerking. Dit is nodig om complexe duurzaamheidsvraagstukken te kunnen begrijpen en oplossen. Zo wordt het belang benadrukt van een ‘intensieve samenwerking en uitwisseling tussen leerlingen en studenten van verschillende onderwijslagen en niveaus’. Er wordt gebruik gemaakt van diverse werkvormen, zoals ook onderzoekend leren. Ook wordt er ruimte geboden aan de leerlingen om initiatief te nemen, duurzame projecten uit te werken en mee te denken over het duurzaamheidsbeleid.

Leeromgeving
“De school staat midden in de samenleving en zowel het eigen gebouw als de omgeving wordt gebruikt als lesmateriaal.” De scholen zijn daarbij zelf ook een voorbeeld door energieneutraal te zijn, veel groen te hebben en technologische oplossingen te gebruiken.

Bijscholing
“Om- en bijscholing voor duurzame ontwikkeling algemeen toegankelijk, leren verschillende generaties van elkaar door bewuste samenwerking en hebben we veel aandacht voor het opleiden van duurzame docenten.” Bijscholing zorgt daarbij voor duurzame inzetbaarheid, omdat we blijven meeveranderen met de ontwikkelingen binnen ons vakgebied. Tot slot heeft duurzaamheid een plaats in alle lerarenopleidingen.

Wij staan achter deze visie en doen ons best hieraan bij te dragen. 

Lees hier de hele JKA