George van der Meulen (61 jaar) woont in Leeuwarden en stopte recentelijk als docent economie omdat hij zich niet meer in de lesstof kon vinden. Nu verdiept hij zich in ecologische economie. In dit artikel legt hij uit wat dit is en welke kansen er liggen voor het onderwijs.

“Als freelancer heb ik voor lange tijd algemene economie onderwezen. Dit jaar heb ik ontdekt dat ik niet helemaal meer achter het vak kan staan zoals het nu wordt gegeven. Het verhaal dat ik de leerlingen moet vertellen rammelt.” 

"Het verhaal dat ik de leerlingen moet vertellen rammelt"


Eyeopener: Donut Economie

“Toen de coronacrisis begon in maart had ik veel tijd over en ontdekte het boek van Kate Raworth, Doughnut Economics. Dit was een echte eyeopener. Het boek confronteerde me met het feit dat ik eigenlijk nooit fundamentele vragen had gesteld tijdens mijn studie of daarna, hoe we de economie waarnemen. Ik ben er lang van uitgegaan dat economie een vrij objectieve wetenschap was. Maar economie is helemaal niet zo’n exacte wetenschap. In werkelijkheid zit het vak vol met aannames waar je je vraagtekens bij kunt zetten. Een voorbeeld is de aanname dat er een noodzaak is voor constante economische groei wat in contrast staat met het rapport van de Club van Rome, ‘Grenzen aan de groei’. Hierin wordt voorspeld dat als we zo door zouden gaan met de bevolkingsgroei en ons consumptiepeil, dat dan de mensheid in steeds grotere problemen zou komen, vooral met het oog op de eindige voorraad grondstoffen. Dat zagen ze toen al in 1972.”

"Het vak zit vol met aannames waar je je vraagtekens bij kunt zetten"


Vernieuwing bij economie

“Ik probeer zelf leerlingen enthousiast te maken voor het vak economie. Maar ik zie het niet zitten om weer het verhaal af te draaien van de oude circulaire, niet-lineaire, economie. Deze manier van denken is immers medeverantwoordelijk voor milieuproblemen, ongelijkheid en financiële ontwrichting in onze wereld. Daarom is het hoognodig dat we op alle fronten toewerken naar duurzaamheid, in onze leefstijl, in productie en consumptie. En die kern van duurzaamheid wordt gevormd door het vak ecologische economie.” 


Ecologische economie

“Ecologische economie is economie die rekening houdt met de randvoorwaarden zoals onze planeet die stelt. Het is een economie die duurzaam is, gebaseerd is op sociale rechtvaardigheid en economische stabiliteit. Een belangrijk verschil is dat bij de traditionele economie wordt uitgegaan van de korte termijn en niet goed wordt gekeken naar de externe effecten van het economisch handelen op de omgeving. Er wordt gestreefd naar winstmaximalisatie terwijl de kosten van vervuiling voor rekening de maatschappij zijn. Bij de ecologische economie worden die kosten geïnternaliseerd; het ‘vervuiler betaalt’ principe. 

“In de ecologische economie is het centraal uitgegeven geld geen vanzelfsprekendheid meer; er wordt nagedacht over andere manieren van handel zoals het hebben van een lokale valuta. In plaats van kopen en bezitten komt het accent meer en meer te liggen op delen en ruilen. Ten slotte wordt er ook anders gekeken naar het BBP, Bruto Binnenlands Product. Het BBP wordt nu vaak gebruikt om het maatschappelijk welzijn in landen te vergelijken maar het BBP meet alleen nog maar geldstromen. Een hoog inkomen per persoon staat echter niet garant voor meer geluk per hoofd in de samenleving. Daarom wordt er in de lessen ook gekeken naar een alternatieve maatstaf zoals het BNG (Bruto Nationaal Geluk). In het BNG worden ook de gevolgen voor het milieu en toekomstige generaties meegenomen in de berekening van het maatschappelijk welzijn.”

"Een hoog BBP staat echter niet garant voor meer geluk per hoofd in de samenleving"


Toekomstplannen

“Voorlopig zie ik mijzelf niet meer terugkeren naar het onderwijs, eenvoudig omdat ik niet meer achter de stof kan staan. Maar ik wil wel graag terugkomen om het vak economie anders te gaan geven. Niets lijkt mij spannender en uitdagender dan samen met leerlingen een nieuwe economie te schetsen, een circulaire economie, een economie van duurzaamheid. Het creatieve potentieel van leerlingen is groot. Ik ben er van overtuigd dat leerlingen wel kennis moeten hebben van de oude lineaire economie, maar dat er een groot reservoir aan creatief denken kan worden aangeboord als zij deze kaders loslaten. Hiermee wordt ook de basis gelegd voor de consument van de toekomst, de duurzame consument, die veel minder gericht zal zijn op materiële waarden en veel meer op het welzijn. Die trend is niet meer tegen te houden.” 

"Niets lijkt mij spannender en uitdagender dan samen met leerlingen een nieuwe economie te schetsen"


Leestips

“Ik zou dan beginnen met het eerdergenoemde boek van Kate Raworth gaan lezen: Donut Economie. Het geeft je een goede kijk achter de schermen van het economische denken, het is leesbaar en het daagt je uit ideeën te ontwikkelen voor een nieuwe economie. Verder denk ik bijvoorbeeld aan ‘Meer’ onder redactie van Marianne Thieme. Het is een verhelderende compacte bundeling van wetenschappelijke inzichten. Je kunt ook denken aan een klassiek werkje als ‘Hou het klein’ van Ernst Friedrich Schumacher”.